Hierna gaan we verder de stad in. Stad is best een groot woord, want veel stad is het niet. Een grote straat met restaurantjes en kledingzaken. In kleding zijn we niet geïnteresseerd. Een boekhandel serveert ook koffie, daar drinken we een heerlijke cappuccino. Mensen zitten te werken, er lopen boek snuffelaars rond. Daarna lopen we nog wat langs de waterkant en houden het voor gezien. Op de camping doen we ons dutje. Ik kan maar niet aan het rare licht en ritme hier wennen.
Tegen zes uur gaan we vol verwachting naar de botanische tuin. Er zijn er twee in IJsland, dit is de meest noordelijke.
Aangekomen op de parkeerplaats tussen flatgebouwen, snappen we het al niet helemaal. Fred loopt een gebouw binnen, denkende dat dit de ingang is. Een man achter de balie kijkt hem stomverbaasd aan. Een botanische tuin?? Hier? Google maps geeft dat toch echt aan. Oh zegt hij, dat parkje verderop. Daar zakt ons verwachtingspatroon als een ballon in elkaar. We lopen langs een school, onherkenbaar als zodanig, via een trapje en een poort, de tuin in. Ziet er op het eerste gezicht toch niet slecht uit. Langs de kant staan viooltjes, margrieten en geraniums. Een bord 100 meter verderop wijst naar alpine planten. Daar dan maar heen. Verrast worden we door saxifraga, wildemanskruid, anemonen, munt en wat kruiden. En zowaar een mecanopsis, de blauwe papaver. Die doet het hier behoorlijk goed. Her en der rhododendron struiken of struikgewas. Voor IJsland zal dit alles wel super zijn, maar denkend aan de tuin van mijn buurman is het een teleurstelling. Hier vinden we niets om mee naar huis te kunnen nemen als leuke herinnering.
De volgende dag staat Myvatn en de vulkaan Krafla op het programma. We stoppen eerst bij de Godafoss.
Het gebied rond Myvatn is zeer actief vulkanisch. Je ziet de sporen van gestolde lava in het landschap. Grillige vormen van lava brokken. Bij Hverir de solfaren velden, (modderpoel met dampende zwavelhoudende gassen). Op de hellingen zie je afzetting van zwavel kristallen.
Bij Myvatn is een geothermisch bad. Het ruikt hier goed naar zwavel. Natuurlijk poedelen we nogmaals een hele middag in het warme water. Heerlijk is dat. De buiten temperatuur speelt ook mee, de zon schijnt. Het bad wordt in de toekomst aardig uitgebreid. Graafmachines zijn druk bezig. Dit wordt echt een concurrent van Blue Lagoon.
Helaas verliest Fred zijn zwembroek na afloop (uit zijn handdoek gevallen). Dus is het afgelopen met hete bronnen. Vanaf Myvatn rijden we naar de Krafla vulkaan. We klimmen op de rand van de krater Viti (hel), indrukwekkend. In de krater staat groen water en hij heeft een doorsnede van 320 meter. Ik had nog nooit een krater gezien, dit maakt wel indruk. De vulkaan is nog actief. In de omgeving van de vulkaan is een electriciteits centrale waar geothermische energie gewonnen wordt. Er liggen pijpleidingen in het landschap.
Van Myvatn rijden we richting Husavik over weg 85. Het is een lange rechte weg met heuvels en dalen. Het is al laat we besluiten de zonsondergang mee te maken. Het is een prachtige ervaring. Tegen half twee staan we op de camping North. De camping baas is nog in voor een praatje en houdt ons even bezig.










Geen opmerkingen:
Een reactie posten