woensdag 28 juni 2023

28 juni 2023

Zes weken zijn voorbij, de tijd is snel gegaan. We hebben zoveel indrukken opgedaan. Als ik door mijn foto’s blader, besef ik wat we gezien hebben. Zoveel afwisselende landschappen. Kleine dorpen, vissersplaatsjes met mooie haventjes, veel garages, kleine industrieterreinen   en kerken.  Reykjavik hebben we niet gezien.  De huizen zijn bekleed met golfplaat, met daarachter isolatie. Bakstenen huizen zie je weinig.



Eten kun je kopen bij de benzine pomp. De mensen zijn aardig en behulpzaam. Een man, die een garage heeft, sprak ik aan over zijn enorme auto met banden van één meter doorsnede. Hij had de auto zelf gebouwd, dat mag in IJsland. Alles kun je verbouwen aan de auto, behalve de stuurinrichting. Hij vertelde trots, dat ze afgelopen winter over de bevroren gletsjer gereden zijn om in het warme water van de krater te zwemmen. Hij heeft die auto ook echt nodig voor de winter, anders komt hij nergens. Klaag ik over het gebruik, dat ding zuipt het dubbele. Daarnaast heeft hij een plug-in hybride, verplicht door de regering. Hij klaagt erover dat die auto weinig nut heeft als hij naar Akureyri rijdt, de batterij laadt dan niet op (snelweg) en heeft hij 300 kilo dood gewicht, hetgeen het verbruik doet stijgen.



Gisteren een berekening gemaakt. Dankzij al mijn gedroogde eten, waar we nu de meeste tijd op leven, hebben we slechts een kleine 400 euro uitgegeven aan brood, skyr/yoghurt en af en toe een sinaasappel. Brood kost 5 euro, een kilo yoghurt 8 euro. Daar staat een giga rekening tegenover aan benzine van 2000 euro. Als luxe zijn we drie keer een warm bad ingegaan, dat was heerlijk. Een biertje gedronken en bubbels in het bad.

Over het algemeen heeft de trailer ons niet in de steek gelaten. De problemen met de kachel waren oplosbaar door een reserve unit. De caravan heeft geleden van steenslag, een kapotte lamp plus reflector. Allemaal niet ernstig. Fred heeft zich voorgenomen een ”stone guard” op de trailer te bouwen. 

Natuurlijk zijn er dingen mis gegaan. Een deur, die uit je handen vliegt door de wind, Fred die dingen vergeet, benzine die niet verkrijgbaar is of die stomme pijn in mijn been en handen, waar ik geen invloed op heb. (Handen moet ik naar laten kijken). Ook  ‘zorgen’ reizen met ons mee, het is droog in Nederland, overleeft de tuin het? Mijn zwager die een meningitis heeft en al een maand in het ziekenhuis ligt, waarvan de afloop niet duidelijk is, of de zorgen van lieve vrienden over hun zoon. Het leven laat je niet los. Ik vind het fantastisch, dat we samen dit kunnen doen. We leven tenslotte op 3m2 en jagen elkaar de tent niet uit. Zoals in ieder huwelijk zijn er natuurlijk wel eens “momenten”, maar toch ben ik blij met “ons”, ook na 25 jaar. 





Vanuit Reydarfjördur hebben we een tocht de bergen in gemaakt, via een onverharde weg. Ik denk een aanleg- en onderhoudweg voor de elektrische leidingen. Deze keer heel spannend, veel kuilen en zelfs grote stenen op de weg, die van de helling gerold waren. 

Er hing een dikke mist, dat beperkte het zicht behoorlijk. In de lagere delen was het landschap weer zo mooi. Kloven van tientallen meters diep, watervallen en veel groen. 





En toen begon het te regenen en hield niet echt op. De volgende dag na een rondje langs het meer, waar we een grot bezocht hebben met kalk kristallen, naar Seydisfjordur gereden. Deze kristallen zijn zeer bijzonder en in verschillende musea te vinden. 

Het was een stevige klim naar boven. 




Bij de auto zouden we eten, als ik om thee vraag, komen we erachter dat de ketel nog op het vuur staat te koken. Fred heeft hem niet uitgedaan. (“Mijnheer is niet thuis en mevrouw is niet thuis” Annie) Daar was ik van uitgegaan, omdat hij zijn tanden stond te poetsen en de thermoskan klaar stond. In vliegende vaart naar de caravan terug. Ik wist dat de gastank niet helemaal vol zat en we hebben inderdaad geluk. De ketel is voor de helft leeg, en gelukkig de gastank ook. Pff weer een leermoment vol stress, maar het moet niet gekker worden. Het zet me vreselijk aan het denken.





Morgen varen we naar Denemarken. We hebben geen verbinding op de boot en zijn onbereikbaar. Op 1 juli in de middag komen we aan. Vandaag spullen inpakken en organiseren, zeeziekte pillen niet vergeten. Het regent nog steeds, niet echt fijn. Al met al hebben we het goed gehad. Ik ben blij dat we gegaan zijn. De verwachtingen waren hoog, die zijn deels uitgekomen, de toeristen industrie bloeit hier en dat viel  tegen. Veel Japanners, Chinezen en Amerikanen. Busladingen vol ouder publiek. Wij hadden gelukkig de tijd en aan ons zelf. Anders was het meer “hop” on- “hop” off geworden, om het eiland in 8 dagen te zien.


zondag 25 juni 2023

24 juni 2023 van de Canyon via Mödrudalur naar Bakkageröi.


Twee dagen geleden zijn we neergestreken in Mödrudalur. Een grote camping met een zeer bobbelig terrein. Het grote nadeel daarvan is, dat als je de wagen uitstapt je in een gat terecht komt. Ik ben dan onmiddellijk geneigd mijn evenwicht te verliezen. (Corona overblijfsel). Op het terrein zijn alle huisjes verpakt in turf. Dit geeft een kneuterig “hobbit” gevoel. 





In het bijbehorend café/restaurant moet je je aanmelden. Er is net een bus met Duitsers aangekomen en de juffrouw achter de balie staat er alleen voor. 30 man staan er voor mij. Ze doen goede zaken. Ik loop terug naar Fred en zeg, “vergeet het maar, eerst de boel opzetten en dan een nieuwe poging”.

Op de aanplakborden wordt volop geadverteerd met toeren in de streek en helicoptervluchten. 

s’Avonds pakken we de auto opnieuw en rijden een rondje F weg. Het landschap is bedekt met zwarte grond met veel stenen en rotsformaties. Een bloemetje doet een poging te overleven, soms een grasje. Zo ziet volgens mij een verschroeide aarde eruit, dit alles als gevolg van de uitbarsting van de Krafla. 






De volgende dag wordt de camping ingenomen door een troep Franse camperaars. Ze hebben eerst een groot rood-wit lint gespannen, -hier staan wij!!-. Op de camping is geen warm water, dat leidt tot Frans gemopper. Ik opper nog, dat het water zo koud is, dat het zeker geschikt is voor hun Ricard. (Elk voordeel heb

 zijn nadeel). 

s’Avonds maken we opnieuw een toer. Het licht is dan zoveel mooier. Omdat Fred zin heeft in een biertje, duiken we het cafeetje in en genieten van een IJslands donker biertje. 





Wederom vervolgen we onze route, we willen naar de puffins in Bakkageröi.

De tocht erheen is prachtig. Er hangt mist in de bergen, we dalen en klimmen behoorlijk. De auto rijdt 17,5liter/100km. We hebben ook weer E10 moeten tanken wegens gebrek aan benzine zonder bijmenging. Ik hoop echt dat de schade beperkt blijft en we heelhuids thuis komen. 

De camping in Bakkageröi vraag 42 Euro voor een nacht, zonder douche en stroom. Dus gewoon een kale plek. Fred is daar echt pissig over. Maar ja als de toeristen toch komen, drijf je gewoon de prijzen op. Dat is meteen ook hetgeen me aan IJsland tegenvalt. Het is zo toeristisch! Busladingen vol mensen gaan hier op toer, om binnen een mum van tijd het eiland rond te karren. 

Hetzelfde geldt voor huurauto’s en huurcampers.  Natuurlijk is het iedereen gegund, maar het seizoen is kort en soms is dat gewoon veel. 


We hadden wat langer in deze streek willen blijven, maar daar zien we vanaf. Eerst door naar de puffins met een miezerige regen en grijs weer. Aangekomen bij de puffin rots, is het daardoor rustig. De vogels zijn gewend aan de mensen en vliegen niet weg. Je hebt bijna het gevoel dat ze bedelen. Als er jongen zijn, in de holen waar ze nestelen, vliegen de vogels razendsnel het hol in met vis in hun bek. Ik kreeg ze niet te pakken voor mijn lens. Bij het landen op de rots, botsen ze vaak tegen de berg, een komisch gezicht of ze worden weggeblazen door de wind. Ze zijn ook zo klein max 30 cm en ze wegen 300 tot 700 gram. Het zijn uitstekend vliegers, met snelheden tot 80 km/uur. Ze duiken met behulp van hun vleugels tot 60 meter diepte. 








Nu zitten we aan de Reydarfjordur. Het mistte vandaag enorm en regent gestadig. Voor het eerst hebben we de extra tent uitgezet en Fred zijn luifel. Zo stappen we droog in en uit de caravan. Morgen eropuit om dit gebied te verkennen. We willen een tocht langs de Lagarfljot maken als het droog wordt.


 



woensdag 21 juni 2023

21 juni 2023 Fred en vogels.

We zijn een extra dag op de camping North gebleven gelegen aan de 85 bij Breidavik. Gewoon even niet teveel doen en bijtanken van alle indrukken.

Vervolgens loopt onze route richting Kopasker via een lus langs de Dettifoss en de Veigabjargsfoss. Wederom enorme watervallen. Het zijn leuke wandelingen om deze doelen te bereiken, via een pad tussen rotsen door. Hier vind ik een mooie lava steen, vol met kleine glittertjes. Ik wijd hem aan de zieke zoon van een vriendin en hoop dat dit geluk brengt. Natuurlijk had ik de steen moeten fotograferen, maar gewoon teveel met mijn gedachten bij hun verdriet.  s’Avonds stoppen we in Kopasker.





We rijden via Kopasker naar Porshafn. Onderweg komen we een rots tegen waar puffins nestelen en meeuwen. Met een lange lens lukt het foto’s te maken. We verwachten nog meer puffins te zien tegen het einde van onze tocht.








Bij het wegrijden vergeet Fred de achterdeur van de auto te sluiten. Helaas is een grote deuk in het portier en een rammelend nummerbord het gevolg. Het portier is tegen de caravan dissel bak geslagen. Hiermee is waarschijnlijk onze auto een totalloss. We rijden nu met een opgeplakt nummerbord, lekker armoedig. Aan het begin van de vakantie was Fred ook al vergeten, dat hij de koelbox achter de auto gezet had. Bij het wegrijden hoorde ik een schurend geluid en riep “stop”. Hij wilde terug rijden, gelukkig kon ik dat uit zijn hoofd praten. Ook de koelbox is nu afgeschreven.  Onnodig te zeggen hoe ik me over dit alles voel. Gewoon balen. Zo stom allemaal. 

In ieder geval is de beslissing voor een andere auto nu makkelijker. 





We blijven de kust volgen en komen langs de Artic Henge in Raufarhöfn. Het is een van de meest afgelegen dorpen in IJsland langs de Artic Cirkel. De artic Henge is een enorme zonnewijzer, die nog in aanbouw is. De vorm wordt geassocieerd met mythologie en folklore. Op de kolom zal ooit een prisma geplaatst worden. De verschillende kolommen zijn zo geplaatst dat het licht en de schaduwen  de tijd van de dag volgen. 





Aan het eind van de dag strijken we neer in Porshafn. Een zeer eenvoudige camping. Fred wil graag uit eten, helaas is het Restaurant er niet meer en gaan we naar de snackbar bij de benzine pomp. Het mooie weer is voorbij en de regen daalt gestadig neer.

We maken een rit vanuit Porshafn naar het Noorden van het eiland richting Fontur. We hadden gelezen, dat er op een boerenerf een gestrand vliegtuig lag, dat nu gebruikt werd als schapenstal. 

We parkeren de auto langs de weg en lopen in de richting waar het vliegtuig moet liggen. Het gebied is ook het broed gebied van de stern. De vogels vliegen rakelings langs ons heen onder veel gekwetter. Ze dulden ons duidelijk niet en als er een vogel Fred tot bloedens toe in zijn hoofd pikt, hebben ze gewonnen en draaien wij ons om. Het lijkt wel een Hitchkok film. Fred bloed altijd heftig door zijn bloedverdunners. Het stroomt over zijn gezicht, bril en op zijn jas. Bij de auto maken we hem weer toonbaar. Weer een avontuur verder. Vandaag werd Fred ondergescheten door een meeuw, maar volgens de overlevering brengt dat geluk.




.



Je kunt je bijna niet voorstellen hoe verlaten deze gebieden langs de kust zijn. Op het strand veel drijfhout, of het karkas van een dier. Een verlaten huis, af en toe paarden en schapen. De  weidsheid is enorm. De wind waait gestaag. Het was een mooie rit.





We rijden verder via onverharde wegen. Alles zit onder het stof of als het geregend heeft blubber. Sta niet tegen de auto aan, want je bent vies. Eerst de caravan schoonmaken zodat je schoon naar binnen kunt. Het is hobbelen en bonken over de weg.  We belanden bij de Studlagil kloof. Op deze camping moet je betalen voor de toiletten. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt. In de kloof stroomt een rivier de zijkanten bestaan uit basalt zuilen. Het is daardoor meteen een toeristische attractie. Bussen rijden af en aan. We lopen de kloof in via een behoorlijk lange trap. Het is een hele klim. Het water is groen van kleur, dat zie je hier vaker. Na een half uurtje houden we het voor gezien, op naar de volgende bestemming.









vrijdag 16 juni 2023

15 juni 2023 Akureyri

Vandaag in de stad geweest. Hier staat een kerk, die de kerk van Reykjavik moet evenaren. We vinden een parkeerplaats, het is betaald parkeren. Eerst moeten we een app laden, dan een creditcard kaart toevoegen en dan kunnen we staan met kenteken. In Nederland een tamelijk makkelijke klus. Fred gaat ervoor. Auto nummer invullen gaat OK. Kaart nummer? Hij heeft een ING bankpas. Daar staan cijfers en letters op. Werkt niet. Meer geklungel. Ik pak mijn Visa erbij, gelukkig alleen cijfers, alleen staat die op mijn naam. Fred vult de gegevens in, er wordt bevestiging gevraagd. Leve de security! Dat moet weer van mijn telefoon, waar staat het? Ik krijg geen melding in de app. “Ik parkeer wel elders” zeg ik en ja dan popt de melding op. Wat een gedoe. Het werkt. We stellen een uur parkeer tijd in en lopen rond. Eerst naar de kerk. Modern qua uiterlijk. Van binnen sober met gebrandschilderde ramen. Kinderen spelen rond het altaar, raar dat daar geen toezicht op is. Daarna lopen we door via een klein smal paadje naar beneden. We komen uit bij een kunstenaarshuis. De benedenverdieping is opengesteld. Het is ingericht naar de stijl van 1903. Prachtig behang aan de muur, denkend aan de motieven van William Morris. Oude foto’s aan de muur. Ik begin die oude portretten steeds interessanter te vinden. Een vrouw staat erop met “schrik ogen” zal wel komen door de flits. Of een gezin met een kind, dat erg verveeld kijkt. Een familie rond de tafel, mooi gedekt met kanten kleed en sjieke kopjes. De inrichting is popperig, vol met tierlantijntjes. Op de tafel liggen koopwaar uitgestald in de vorm van wollen vesten, mutsen, kleedjes, boekjes en hebbedingen. Ik verbaas me altijd weer hoe duur het allemaal is.





Hierna gaan we verder de stad in. Stad is best een groot woord, want veel stad is het niet. Een grote straat met restaurantjes en kledingzaken. In kleding zijn we niet geïnteresseerd. Een boekhandel serveert ook koffie, daar drinken we een heerlijke cappuccino. Mensen zitten te werken, er lopen boek snuffelaars rond. Daarna lopen we nog wat langs de waterkant en houden het voor gezien. Op de camping doen we ons dutje. Ik kan maar niet aan het rare licht en ritme hier wennen. 



Tegen zes uur gaan we vol verwachting naar de botanische tuin. Er zijn er twee in IJsland, dit is de meest noordelijke. 

Aangekomen op de parkeerplaats tussen flatgebouwen, snappen we het al niet helemaal. Fred loopt een gebouw binnen, denkende dat dit de ingang is. Een man achter de balie kijkt hem stomverbaasd aan. Een botanische tuin?? Hier? Google maps geeft dat toch echt aan. Oh zegt hij, dat parkje verderop. Daar zakt ons verwachtingspatroon als een ballon in elkaar. We lopen langs een school, onherkenbaar als zodanig, via een trapje en een poort, de tuin in. Ziet er op het eerste gezicht toch niet slecht uit. Langs de kant staan viooltjes, margrieten en geraniums. Een bord 100 meter verderop wijst naar alpine planten. Daar dan maar heen. Verrast worden we door saxifraga, wildemanskruid, anemonen, munt en wat kruiden. En zowaar een mecanopsis, de blauwe papaver. Die doet het hier behoorlijk goed. Her en der rhododendron struiken of struikgewas. Voor IJsland zal dit alles wel super zijn, maar denkend aan de tuin van mijn buurman is het een teleurstelling. Hier vinden we niets om mee naar huis te kunnen nemen als leuke herinnering. 





De  volgende dag staat Myvatn en de vulkaan Krafla op het programma. We stoppen eerst bij de Godafoss.




Het gebied rond Myvatn is zeer actief vulkanisch. Je ziet de sporen van gestolde lava in het landschap.  Grillige vormen van lava brokken. Bij Hverir de solfaren velden, (modderpoel met dampende zwavelhoudende gassen). Op de hellingen zie je afzetting van zwavel kristallen. 

Bij Myvatn is een geothermisch bad. Het ruikt hier goed naar zwavel. Natuurlijk poedelen we nogmaals een hele middag in het warme water. Heerlijk is dat. De buiten temperatuur speelt ook mee, de zon schijnt. Het bad wordt in de toekomst aardig uitgebreid. Graafmachines zijn druk bezig. Dit wordt echt een concurrent van Blue Lagoon. 






Helaas verliest Fred zijn zwembroek na afloop (uit zijn handdoek gevallen). Dus is het afgelopen met hete bronnen. Vanaf Myvatn rijden we naar de Krafla vulkaan. We klimmen op de rand van de krater Viti (hel), indrukwekkend. In de krater staat groen water en hij heeft een doorsnede van 320 meter. Ik had nog nooit een krater gezien, dit maakt wel indruk. De vulkaan is nog actief. In de omgeving van de vulkaan is een electriciteits centrale waar geothermische energie gewonnen wordt. Er liggen pijpleidingen in het landschap. 





Van Myvatn rijden we richting Husavik over weg 85. Het is een lange rechte weg met heuvels en dalen. Het is al laat we besluiten de zonsondergang mee te maken. Het is een prachtige ervaring. Tegen half twee staan we op de camping North. De camping baas is nog in voor een praatje en houdt ons even bezig.





dinsdag 13 juni 2023

13 Juni 2023 Siglufjörõur

Siglufjörõur is nog niet zolang geleden ontsloten, pas eind jaren 60. De stad was beroemd om zijn haringvangst met de daarbij behorende industrie. Er werd 600 ton per dag gevangen met netten. Dit is doorgegaan tot in de jaren 50 toen was de zee leeg en kwamen er wettelijke restricties, waardoor de industrie stopte. Aan de Noordkust van IJsland waren grote fabrieken. Er werd haring gezouten en in vaten gedaan, haring werd geperst voor de vis olie. Die werd gebruikt voor consumptie (levertraan) en voor bv de cosmetische industrie, zeep of boenwas. Het verschafte veel werk in die periode. In hoogtijdagen waren er 10.000 man aan het werk, veel meer dan de inwoners van het plaatsje. De haring werd het goud van IJsland genoemd. 






Nadat de industrie gestopt is, ontvolkt de stad. De regering gaat dit tegen door de stad beter bereikbaar te maken met een 800 meter lange tunnel, door de berg Strákar. De eerste echte tunnel van IJsland. De fabrieksgebouwen zijn nu een museum en verschaffen zo een nieuwe bron van inkomsten. In het museum is een gedeelte die de huisvesting van de arbeiders weergeeft. Met zijn allen op een kleine zolderkamer. In de fabriek staan de machinerieën en werktuigen opgesteld. 


Er zijn veel video’s te zien plus je hoort het lawaai van de fabriek door de machinerieën. 

Er is een haven nagebootst met originele vissersboten. In het derde gebouw het zouten van de haring. Het in de tonnen doen voor vervoer. De stempels die op de tonnen gedrukt werden met mallen. 

Om alle indrukken van de laatste twee weken te verwerken, blijven we twee nachten op de camping staan. Het stormt nog steeds de was is zeer snel droog. We moesten wel de waslijn straks spannen met scheerlijnen. (Zo erg hebben we het in Schotland nog nooit gehad). We maken een wandeling langs een prachtig meer tussen de bergen en genieten van de rust daar. Allerlei kleine vogels zwemmen hier. De lupine begint te bloeien. Grote gele boterbloemen en kleine viooltjes in het gras. 









Helaas geef de moter van de auto een storing aan en we rijden naar een garage, die de auto kan uitlezen. Het schijnt een sensor op de achteras te zijn. Geen ernstig probleem. 50 Euro armer voor 5 minuten werk en gerustgesteld dat we verder kunnen rijden. Zo een brandend lampje blijft hinderlijk.


Vandaag is het warm in IJsland. De storm is gaan liggen. Naast ons staat een rechercheur, die verteld dat er veel migranten zijn uit Venezuela, Sirie, Afrika, Bulgarije en Oekraïne. De Oekraïners willen werken volgens hem, de rest houdt zijn hand op. Er is veel kriminaliteit tot moorden aan toe. Dat had ik niet verwacht. Hij beveelt een vis restaurant aan in Hauganes. Dat wordt het doel voor vandaag en daarna door naar Akureyri.



Het restaurant gaat om 12 uur open, nu is het elf uur.  Zodoende  heb ik tijd om dit blog te schrijven.

Hauganes is een klein havenplaatsje dat in het teken van de visvangst staat. Het haventje is niet groot en er loopt net een boot binnen die gelost wordt. Gauw een praatje en natuurlijk een foto. Op de zeebodem zie ik heel veel zeesterren en af en toe een dikke vis. 

De fish en chips die hier geserveerd wordt is heerlijk. Zo vers en een dik stuk kabeljauw. 





Er stond een bus met toeristen, die een gebouw inlopen waar vis verwerkt wordt. Ik ga er achterna. Er wordt een demonstratie gegeven hoe de kabeljauw gefileerd wordt, de lever wordt gebruikt voor levertraan, de ingewanden als meststof. Kop en graten voor de soep en ook geëxporteerd naar de Afrikaanse westkust, de vis eieren als pasta verwerkt.  De tong is een lekkernij, evenals de wangen en de filets, die gaan de consumptie in. Er gaat niets van de vis verloren.




Na deze ervaring rijden we door naar Akureyri naar de camping. Het weer is zo mooi, dat we de luifel uitzetten. Droogt die ook meteen. Zijn we net klaar, worden we gesommeerd weg te gaan, omdat we op een verkeerd veld staan, dat gemaaid moet worden. Fred is razend, maar niets aan te doen. Een vouwwagen met kleine kinderen die er al stond moet ook verkassen. En dat is echt veel meer werk. Tegen zes uur staat de boel. Warm eten hebben we al gedaan, dus nu een boterham. Gisteren heb ik brood gebakken, dat komt mooi uit. De omelet, die gedroogd is met polenta smaakt. Morgen naar de botanische tuin in Akureyri en de stad ontdekken.